De Behandelingen van Trimsalon De Rode Loper te Lemmer

Een trimbeurt bestaat o.a. uit het knippen van de nagels, het reinigen van de oren, het wassen en föhnen van de vacht, het borstelen en kammen, het uitwollen, het ontklitten, het knippen, plukken, effileren of scheren van de vacht in het door u gewenste model of volgens de rasstandaard.

Hoe vaak uw hond moet worden getrimd, is heel verschillend en afhankelijk van de vacht. Om u toch een idee te geven:

Hoe vaak naar de trimsalon ?

  • Poedelvachten (b.v. Maltezer, Boomer, Shitshu) 4 tot 8 keer per jaar
  • Ruwharige vachten (b.v.  Jackrussel, Cairn Terriër, Westy) 2 tot 4 keer per jaar
  • Spanielvachten (b.v. Cavalier King Charles spaniel, Cockerspaniel) 4 tot 6 keer per jaar

 

Wassen en Föhnen
Voor het wassen van uw hond maak ik gebruik van zeer goede en zachte shampoos welke een frisse en schone vacht geven. Na het wassen, wordt de vacht goed geborsteld en uitgeföhnd. Voor het föhnen gebruik ik een zogenaamde “waterblazer”. Dit is een zware föhn die het water letterlijk uit de vacht blaast. Deze wordt niet warmer dan 30 graden, zodat de huid niet kan worden aangetast door oververhitting. Een schone en goed uitgeföhnde vacht is de basis voor een perfect model.


Borstelen en kammen

De meest algemene verzorging is het borstelen en kammen van de vacht. Het dient om oude en losse haren te verwijderen, “klitten” te verwijderen en om eventuele parasieten op te sporen en te verwijderen. In de trimsalon kom je dikwijls honden tegen die te weinig, nooit of verkeerd geborsteld zijn. Het borstelen dient namelijk in laagjes van onderen naar boven te geschieden met een universeel- of pennenbostel. Daarna wordt de kam gebruikt ter controle om eventueel achtergebleven haren of knopen in de vacht te verwijderen. Uiteraard wordt de kam ook gebruikt om de vacht zogenaamd “op te kammen” .

 

Ontwollen  
Er zijn heel veel rassen die naast de normale dekvacht ontzettend veel ondervacht hebben. Dit is de zogenaamde onderwol. Als dit los gaat laten, gaan deze honden enorm in de rui (meestal 2 x per jaar). Ze trekken als het ware een jas uit. In de trimsalon zijn diverse gereedschappen aanwezig om deze honden sneller en gemakkelijker door de rui heen te helpen. Te denken valt o.a. aan de Furminator, de Coat King of het herdersharkje. Daarnaast zorgt een wasbeurt met lauw-warm water en de behandeling met de waterblazer voor de finishing touch! Welke techniek gebruikt wordt, is afhankelijk van het ras en het vachttype. Het ontwollen scheelt u ontzettend veel haren thuis en uw hond is een stuk eerder van deze vervelende rui af! 

 

Ontklitten
Een hond met incidenteel wat klitten op de bekende plaatsen, zoals bijvoorbeeld achter de oren, snor/baard, buik, oksels en binnenzijde van het dijbeen, kan worden behandeld met een klittenkam, welke de klit doorsnijdt. Echter voorop moet altijd staan dat de trimsalon de plaats is voor het behandelen van uw hond en niet het mishandelen van uw hond. Klitten op, voor de hond, gevoelige plaatsen kunnen daarom soms beter weggeknipt worden. Is uw hond werkelijk tot op de huid vervilt, dan rest er vaak nog maar één (pijnloze) manier: het kortscheren van uw hond.

 

Knippen

Bij het knippen wordt de vacht ingekort met behulp van een schaar. Meestal zal er bij de kniphonden tegen de haargroeirichting in geknipt worden, tussendoor het haar opkammend, om uitstekende piekjes te ontdekken. Zoals reeds eerder is vermeld, kan een kniphond alleen dan strak in model gezet worden na zorgvuldig wassen en uitföhnen van de vacht.

 

Plukken
Plukken is het verwijderen van loszittende dekharen bij honden met een ruwharige vacht. Uw hond dient in dat geval goed “trimrijp” te zijn om de huid (en uw hond) zo min mogelijk te irriteren. Het loszittende haar wordt in kleine plukjes, op sommige plaatsen haar voor haar, in de groeirichting verwijderd. Doordat het plukken op een vakkundige manier gebeurt, merkt uw hond daar vrijwel niets van. Na 6 tot 8 weken kan het bij sommige hondenrassen noodzakelijk zijn om de hond na te plukken. Dit om later gerijpte haren te verwijderen, waarmee een beter eindresultaat bereikt wordt en de vacht gelijkmatig aangroeit. Bij bovenstaande techniek wordt in een keer de gehele harde bovenvacht weggeplukt. De zachte ondervacht blijft staan. 

 

Effileren
Effileren is het uitdunnen of inkorten van de vacht met behulp van een effileerschaar. Dit kan met een dubbelgetande- of met een enkelgetande effileerschaar. Effileren geschiedt met de haargroei mee of tegen de haargroei-richting in.

 

Scheren

Bij het scheren korten we de vacht in met behulp van een tondeuse. De lengte van de vacht die blijft staan, hangt af van de scheerkop die aangebracht wordt op de tondeuse (vanaf 2 mm t/m 13 mm). Scheren kan zowel met de haargroei mee als tegen de haargroeirichting in. Dit ligt aan het model en/of aan de vacht.